techno

Nina Kraviz en Benny Rodrigues: Techno is breder dan beuken

Laten we het eens een eeuwenoud pijnpunt oprakelen: vind jij het ook zo irritant als je wil genieten van een spacey set van Serge, maar om je heen alleen maar doorgesnoven gasten staan die keihard willen gaan? Of gezien hoe Objekt de sterren van de hemel draaide, maar de spierbundels naast je het kut vonden omdat ze drie uur lang wilden stampen? Is techno zo mainstream geworden dat de randjes verdwijnen?

Gisteren rakelden Nina Kraviz en Benny Rodrigues die discussie weer eens op in een tweetal facebookposts die tot denken stemmen. Schenk jezelf eens een goed glas wijn in en lees mee.

Nina Kraviz draaide gisteren voor zo’n vierduizend man op een strand in Melbourne. In haar post beschrijft ze hoe ze eventjes trippy en relatief traag draaide met de Villalobos-remix van Blood On My Hands. Er zat ook een duister gedeelte in haar set met een nieuwe plaat van Bjarki, Eric Martins Emergency, en een track die opeens versnelt tot 155 BPM, vervolgens een bocht omslaat richting drum ‘n bass en uiteindelijk weer op 129 BPM eindigt: I Want To Be a Stewardess van Shadowax. Oh, en ze draaide ook nog trance en ghetto house.

Die set klinkt te gek, dacht ik zo, maar een dag later kreeg Kraviz nogal wat klachten: mensen vroegen hun geld terug, en – en dat raakte Kraviz diep – ze zeiden dat ze “techno” wilden, terwijl Nina Kraviz dat helemaal niet voorschotelde. “Feitelijk draaide ik niets anders dan techno, in mijn eigen wat bredere definitie,” schrijft Kraviz. “Het is goed mogelijk dat zij drie uur lang steady beats wilden, en ik bood hen iets dat niet voldeed aan de verwachtingen.” Ze concludeert: “Wat kan ik zeggen? Iedereen heeft recht op een eigen mening, maar het kost zeker tijd, ervaring en kennis om een mening te vormen.”

Benny Rodrigues werd gisterochtend wakker, en besloot te reageren. “Techno is de afgelopen vijf jaar zo populair, groot en breed geworden dat je niet meer van een ‘niche’ (lekker pretentieus woordje) of ‘underground’ (ten opzichte van de mainstream dance) kunt spreken,” schreef hij op Facebook. “Was het ooit een plek voor de buitenbeentjes, betweters, puristen, anno 2016 is techno de norm geworden.”

Dat is niet per se iets negatiefs natuurlijk, en er waren altijd al gasten die “vooral alleen maar hard en snel willen beuken, knallen, stampen, raggen, snoeien, gassen en noem het allemaal maar op, en verder niet zaten te wachten op het ‘softe gedoe’ of andere ietwat minder hapklare brokken.” Maar: “Tegenwoordig lijkt het soms meer dan eerst dat techno voor de meeste kids vooral een wedstrijdje is geworden van wie het allerallerallerhardst kan gaan en weinig meer dan dat.”

Rodrigues: “Termen als ‘opbouw’, ‘trippy’, ‘subtiel’, ‘mindf*ck’, ‘bedwelmend’, ‘gewaagd’, ‘ongemakkelijk’ (nog een pretentieus woordje), ‘muzikaal’ et cetera lijken naar mijn idee in de beleving van de meeste huidige technogangers niet echt meer voor te komen. Misschien is het de drugs, het internet (sowieso het internet), de festivalisering (waar kort en bombastisch het devies is) of wat dan ook, maar hoe dan ook hoopt het stiekeme kleine liefhebbertje in mij dat techno ook in het huidige populaire en mainstream klimaat altijd bezig zal blijven met de luisteraars en dansers beroeren dan wel prikkelen, uitdagen dan wel choqueren, geven, maar ook nemen en vooral op de dansvloeren zal spelen met je fantasie op een manier die alleen techno kan. En dat, hoe groot en ‘established’ het begrip techno inmiddels mag zijn, er altijd ruimte zal zijn voor ‘de buitenbeentjes’, de mensen die het net ff wat anders durven te doen, of in sommige gevallen.. de leiders (waar ik mezelf overigens niet tot bereken) en de freaks.”

 

Bron: thump.vice.com

Comments are closed.